aboma
Uiterlijk
- abo·ma
- uit het Sranantongo [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | aboma | aboma's |
| verkleinwoord |
- (reptielen) zeer grote en zware wurgslang uit het geslacht Eunectes

- (straalvinnigen) bepaald soort vis, Aboma etheostoma
, uit een monotypisch geslacht in de familie van grondels
- Het woord aboma staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Reptielen in het Nederlands
- Straalvinnigen in het Nederlands
- Vissen in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal