abbeden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • ab·be·den
Naar frequentie 26560

Zelfstandig naamwoord

abbeden

  1. nominatief bepaald gemeenschappelijk geslacht enkelvoud van abbed


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • ab·be·den
Naar frequentie 29162

Zelfstandig naamwoord

abbeden

  1. nominatief bepaald mannelijk enkelvoud van abbed


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • ab·be·den

Zelfstandig naamwoord

abbeden

  1. nominatief bepaald mannelijk enkelvoud van abbed