abalanzaba

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spaans

Werkwoord

vervoeging van
abalanzar

abalanzaba

  1. eerste persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van abalanzar
  2. derde persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van abalanzar