aartslui

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aarts·lui
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen aartslui
verbogen aartsluie
partitief aartsluis

Bijvoeglijk naamwoord

aartslui [1]

  1. heel erg lui, uiterst lui
    • Topshow is een heerlijk, vlot geschreven boek over televisie maken en ego-management. Onthullend is het vooral in details, voor wie het programma een beetje kent. Zo blijken de drie hoofdrolspelers – Genee, Van der Gijp en Derksen – financieel binnen te lopen met het programma. De aartsluie Van der Gijp verdient vier ton per jaar met de show. Hij heeft vijf auto’s; één daarvan gebruikt hij om zijn hond te vervoeren, zodat hij niet al zijn auto’s hoeft te stofzuigen.[2] 
     Met een beetje geluk kwamen deze aartsluie wezens over een dag of drie.[3]
Vertalingen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Stijn Bronzwaer 12 mei 2015
  3. Suzanne Vermeer op WikipediaAll-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht, ISBN 90-229-9182-2
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be