aanwijzing
Uiterlijk

- Geluid: aanwijzing (hulp, bestand)
- IPA: / ˈaɱwɛizɪŋ / (3 lettergrepen)
- aan·wij·zing
- Naamwoord van handeling van aanwijzen met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | aanwijzing | aanwijzingen |
| verkleinwoord | aanwijzinkje | aanwijzinkjes |
de aanwijzing v
- het aanwijzen
- een vingerwijzing, het vermoeden
- ▸ Ze bestudeert haar moeders gezicht, zoekt in haar boze uitdrukking een aanwijzing voor de bron van die boosheid, maar vindt die niet.[1]
- De enorme stapel lege stembiljetten was een aanwijzing dat er fraude gepleegd was.
- ▸ Ze bestudeert haar moeders gezicht, zoekt in haar boze uitdrukking een aanwijzing voor de bron van die boosheid, maar vindt die niet.[1]
- inlichting of voorschrift over hoe men moet handelen
1. het aanwijzen
- Het woord aanwijzing staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "aanwijzing" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Samantha Harvey“In Orbit” (2024), De Bezige Bij
, ISBN 9789403135625 - ↑ “De tranen der acacia's”
(1949), G.A. van Oorschot
, ISBN 9789028242364 - ↑ “All-inclusive”
(2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht
, ISBN 90-229-9182-2 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -ing in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %