Naar inhoud springen

aanwijzing

Uit WikiWoordenboek
Reportage "Herrijzend Nederland". Echtpaar van volgende foto bij microfooon in studio Radio Herrijzend Nederland. Wijzend presentator Frits Thors
  • aan·wij·zing
enkelvoud meervoud
naamwoord aanwijzing aanwijzingen
verkleinwoord aanwijzinkje aanwijzinkjes

deaanwijzingv

  1. het aanwijzen
    • De aanwijzing hielp om de plek op de kaart te vinden. 
  2. een vingerwijzing, het vermoeden
     Ze bestudeert haar moeders gezicht, zoekt in haar boze uitdrukking een aanwijzing voor de bron van die boosheid, maar vindt die niet.[1]
    • De enorme stapel lege stembiljetten was een aanwijzing dat er fraude gepleegd was. 
  3. inlichting of voorschrift over hoe men moet handelen
     Hij zal denken: de man die ik gevraagd heb het briefje te vertalen, heeft de aanwijzing voor zichzelf gebruikt.[2]
     Ha, mijn lievelingsblondje gaat aanwijzingen geven.[3]
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[4]