aanvliegroutetje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·vlieg·rou·te·tje

Zelfstandig naamwoord

aanvliegroutetje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord aanvliegroute