aankweken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·kwe·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
aankweken
kweekte aan
aangekweekt
zwak -t volledig

Werkwoord

aankweken

  1. overgankelijk door kweken iets voortbrengen
    • Daar worden de meeste sierheesters aangekweekt. 

Zelfstandig naamwoord

aankweken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord aankweek

Gangbaarheid

80 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be