aankomeling

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·ko·me·ling
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

enkelvoud meervoud
naamwoord aankomeling aankomelingen
verkleinwoord aankomelingetje aankomelingetjes

aankomeling

  1. beginner
Synoniemen