aangetast

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·ge·tast
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
aantasten

aangetast

  1. voltooid deelwoord van aantasten
stellend
onverbogen aangetast
verbogen aangetaste
partitief aangetasts

Bijvoeglijk naamwoord

aangetast

  1. beschadigd door inwerking van iets
    • De door de iepenziekte aangetaste bomen werden gerooid. 
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving met meest worden gebruikt.[1][2]

Verwijzingen

Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.