aangeslagen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·ge·sla·gen
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen aangeslagen aangeslagener aangeslagenst
verbogen aangeslagenste
partitief aangeslagens aangeslageners -

Bijvoeglijk naamwoord

aangeslagen

  1. bedekt door aanslag
    • Door zijn aangeslagen brillenglazen kon hij de weg niet meer goed zien. 
  2. (van een elektron of een atoom dat een dergelijk elektron bezit) tijdelijk naar een hoger energieniveau gebracht, bijvoorbeeld door de absorptie van een energierijk foton
    • Als het atoom niet in de grondtoestand is, dan spreken we van een aangeslagen toestand. 
  3. tijdelijk niet in staat om iets te doen vanwege een emotionele of lichamelijke klap
    • De buurt is zwaar aangeslagen door het drama. 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
aanslaan

aangeslagen

  1. voltooid deelwoord van aanslaan

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen