aandringen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·drin·gen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
aandringen
drong aan
aangedrongen
klasse 3 volledig

Werkwoord

aandringen

  1. (inergatief) volhardend verzoeken, niet met een afwijzing genoegen nemen
    Ik wilde dit eigenlijk niet maar hij drong zo aan.
  2. (inergatief) ~ op: tot iets over trachten te halen, aangeven dat je iets graag wilt
    Zij drongen erop aan deze gegevens te verwijderen uit het bestand.
Vaste voorzetsels
  • aandringen op
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.