aanbiddingszanger

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·bid·dings·zan·ger
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aanbiddingszanger aanbiddingszangers
verkleinwoord aanbiddingszangertje aanbiddingszangertjes

Zelfstandig naamwoord

aanbiddingszanger m

  1. (religie) iemand die zingt over godsdienstige onderwerpen
    • Gert Timmerman is een aanbiddingszanger die samen met zijn vrouw Hermien christelijke liederen zong. 

Gangbaarheid