aamborstig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aam·bor·stig
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van de samentrekking van adem (aâm) en de oude betekenis van borst (gebrek), dus letterlijk gebrekkige adem.
  • Samenstellende afleiding van aam (adem) en borst met het achtervoegsel -ig [1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen aamborstig aamborstiger aamborstigst
verbogen aamborstige aamborstigere aamborstigste

Bijvoeglijk naamwoord

aamborstig

  1. kortademig.
Vertalingen

Gangbaarheid

34 % van de Nederlanders
34 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Afrikaans

stellend attributief vergrotend overtreffend
aamborstig aamborstige aamborstiger aamborstigste

Zelfstandig naamwoord

aamborstig

  1. aamborstig