aalte
Uiterlijk
- aal·te
| Naar frequentie | zeldzaam |
|---|
aalte
- eerste persoon enkelvoud verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van aalen
aalte
- derde persoon enkelvoud verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van aalen
aalte
- eerste persoon enkelvoud verleden tijd aanvoegende wijs II bedrijvende vorm van aalen
aalte
- derde persoon enkelvoud verleden tijd aanvoegende wijs II bedrijvende vorm van aalen