aafhange

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak

Werkwoord

stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
aafhange
hóng/heeng aaf
aafgehange
klasse 7 volledig

aafhange

  1. (Hooglimburgs) afhangen