WikiWoordenboek:GrootDictee/1994

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Dit is de tekst van het Groot Dictee der Nederlandse Taal van 1994. De auteur van het dictee is Han van Gessel. De tekst is met de verouderde spelling van vóór 1996.

De dicteetor[bewerken]

1. Te midden van de diersoorten die in onze contreien met uitsterven worden bedreigd, neemt de dicteetor een curieuze plaats in; we zullen daarom de leefwijze van dit minuscule, maar agressieve insekt nader onder de loep nemen.

2. Normaal leidt dit ravezwarte diertje een rustig, zo niet vadsig bestaan midden in zijn natuurlijke biotoop; als een volleerde meester in de mimicry kan het zich tegen elk vijandelijk komplot teweerstellen - daarmee heeft het een duidelijk prae boven zijn soortgenoten.

3. Maar heden ten dage wordt het leeuwedeel van de bewoners der Lage Landen eenmaal 's jaars van zijn apropos gebracht, als de dicteetor plotseling haastje-repje te voorschijn komt en zich met veel aplomb ontpopt als een dictatoriaal kruidje-roer-mij-niet.

4. We zullen ervan afzien ellenlang uit te weiden over de hebbelijkheden van dit bijdehante beestje, maar één ding is duidelijk: doordat de dicteetor extreem consciëntieus is, komt hij slechts bij weinigen in het gevlij.

5. Zodra de dicteetor met veel elan en bravoure de kop opsteekt, ontstaat onmiddellijk trammelant; met zijn vaak boude boutades bruuskeert hij nietsvermoedende stervelingen, want het is onloochenbaar dat tact niet zijn sterkste kant is.

6. Tegen zijn choquerend gedrag is meestal geen kruid gewassen; woorden schieten tekort om de calamiteiten te beschrijven die hij met zijn vaak geëxalteerde teksten teweeg heeft gebracht.

7. Maar velen houden niet van dit gejeremieer over de dicteetor; zij vinden dat faliekant verkeerd en applaudisseren maar al te graag voor zijn zegenrijk werk, dat geschraagd wordt door een ongebreidelde passie voor splijtende beitels, rijzende pijlers, stijgende steigers en vermaledijde balkenbrij - o ijselijk abracadabra!

8. Alles tezamen ziet de wereld er dankzij de hocus-pocus van de dicteetor een beetje florissanter uit, maar of we hem ten langen leste van een tragische ondergang kunnen redden - daar kunnen we geen peil op trekken.