Tima

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

ISO 639-3
tms
bestand
Uitspraak
Woordafbreking
  • Ti·ma
enkelvoud meervoud
naamwoord Tima -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

Tima o

  1. (taal) een Kordofaanse taal met een onbekend aantal sprekers in de Zuid-Soedan
    • Sprekers van het Tima wonen in de Nubaheuvels ten zuiden van Katla. 

Gangbaarheid