Saksische

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Sak·si·sche
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord Saksische Saksischen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

Saksische v

  1. (demoniem) een vrouwelijke inwoner van Saksen, of een vrouw afkomstig uit Saksen
Verwante begrippen

Bijvoeglijk naamwoord

Saksische

  1. verbogen vorm van de stellende trap van Saksisch


Meer informatie

Gangbaarheid