Dankbarkeit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
  • IPA: /'daŋkbaːɐ̯kaɪ̯t/
Woordafbreking
  • Dank·bar·keit

Zelfstandig naamwoord

Dankbarkeit v

  1. dankbaarheid
    «Mit diesem Blumenstrauß möchte ich meiner Dankbarkeit Ausdruck verleihen.»
    Met deze bos bloemen wil ik mijn dankbaarheid weergeven.
Verbuiging