Colombiaan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Co·lom·bi·aan
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord Colombiaan Colombianen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

Colombiaan m

  1. (demoniem) een inwoner van Colombia of persoon die de Colombiaanse nationaliteit bezit
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid