CWI

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • CWI
Woordherkomst en -opbouw
  • afkorting van Centrum voor Werk en Inkomen
enkelvoud meervoud
naamwoord CWI CWI's
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

CWI o

  1. Centrum voor Werk en Inkomen, opvolger van het arbeidsbureau, en zelf weer opgevolgd door het UWV
    • Hij kreeg een uitkering via het CWI. 

Gangbaarheid

Meer informatie