Brits-Engels

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Brits-En·gels
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord Brits-Engels -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

Brits-Engels o

  1. (taal) het Engels zoals het wordt gesproken in het Verenigd Koninkrijk
Vertalingen

Meer informatie