Bijbelvast

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Bij·bel·vast
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen Bijbelvast Bijbelvaster (Bijbelvastst) *
verbogen Bijbelvaste Bijbelvastere (Bijbelvastste) *
partitief Bijbelvasts Bijbelvasters -

Bijvoeglijk naamwoord

Bijbelvast

  1. veel kennis hebben van de Bijbel
    • Op televisie namen zeelieden, doodgravers, kickboksters, personal coaches en corpsballen het tegen elkaar op, in Geesteren prominenten, jeugd en jongeren, koorzangers, kerkenraadsleden en mensen uit het onderwijs. Na zes speelrondes bleek Ria Morsink uit Borculo het meest bijbelvast. [2] 
    • "Waarom heeft de duivel eigenlijk zo’n vork?" heeft Emma me toentertijd wel eens gevraagd. Nu ben ik niet heel Bijbelvast, maar ik denk om de zondaars die boven het hellevuur worden gebraden mee te prikken. Of zoiets. Maar nu heb ik laatst gelezen dat er in de Middeleeuwen (de tijd waarin het beeld van "de duivel met de drietand" is ontstaan) veel religieuze weerstand bestond tegen de vork. Sinds het begin der tijden heeft de mens met een lepel gegeten. [3] 
  2. zich houdend aan de geboden en verboden van de Bijbel
    • Er is vaker reden tot bezorgdheid over de Bijbelvastheid en "kringvastheid" van mensen met een reformatorische levensovertuiging, zegt Moens. "We gingen er lange tijd van uit dat onze identiteit stond als een huis en dat iedereen zich erbij betrokken voelde. Het bewaren van de identiteit gaat echter niet vanzelf." [4] 
    • Voor veel conservatieve Republikeinen, en vooral voor de behoudende evangelicals, is Roy Moore nog altijd een gevierd politicus. Dat heeft alles te maken met zijn uitgesproken antiabortusstandpunt, met zijn verzet tegen het homohuwelijk en zijn weigering om de Tien Geboden te verwijderen uit de rechtszaal. "Roy is een Bijbelvast, principieel man." [5] 
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving "meest Bijbelvast(e)" worden gebruikt.[6][7]

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.

Verwijzingen