Arzte

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
  • IPA: /ʔaːɐ̯ʦtə/
Woordafbreking
  • Arz·te

Zelfstandig naamwoord

Arzte m

  1. (verouderend) datief enkelvoud van Arzt