Naar inhoud springen

Amerikaner

Uit WikiWoordenboek
  • Ame·ri·ka·ner
Naar frequentie 1409
enkelvoud meervoud
nominatief der Amerikanerdie Amerikaner
genitief des Amerikanersder Amerikaner
datief dem Amerikanerden Amerikanern
accusatief den Amerikanerdie Amerikaner

Amerikaner, m

  1. (demoniem) Amerikaan (mannelijke woordvorm)
  2. (voeding) een soort eierkoek bedekt met een suiker- en/of cacaoglazuur
  • [1]: (spreektaal)  Ami zn 
  • [2]: Amerikaner mit Zuckerguss