200-eurobiljet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • 200 - eu·ro·bil·jet

Zelfstandig naamwoord

200-eurobiljet

  1. verouderde spelling of vorm van 200 eurobiljet van vóór 2006

Gangbaarheid