19-jarig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • 19-ja·rig
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding van 19 en jaar met het achtervoegsel -ig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen 19-jarig
verbogen 19-jarige
partitief 19-jarigs - -

Bijvoeglijk naamwoord

19-jarig

  1. van een persoon dat hij 19 jaar oud is
  2. dat iets 19 jaar bestaat

Gangbaarheid