νικάω

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Oudgrieks

stamtijd
praesens aoristus perfectum futurum
actief νικάω ἐνίκησα νενίκηκα νικήσω
med/pass. ἐνικησάμην νενίκημαι

Werkwoord

νικάω

  1. winnen, overwinnen