zwammen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwam·men
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
zwammen
zwamde
gezwamd
zwak -d volledig

Werkwoord

zwammen

  1. (ergatief) doelloos en onzinnig praten
    Hij zat weer eindeloos te zwammen en ik kreeg daar een beetje genoeg van.
Synoniemen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

zwammen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord zwamen:zwammen