zonder

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·der
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: sonder
Oudnederlands: sunder
Germaans: *sehwanan
Indo-Europees: *sundraz
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: asunder (Angelsaksisch: sundran), (Oudhoogduits: suntar, suntir), Fries: sûnder (Oudfries: sunder)
Noord: Zweeds: sönder, Deens: sønder, Noors: sundur/sønder, ( Oudnoors: í sundr), IJslands: sundur
Oost: Gotisch: sundro

Voorzetsel

  • zonder
  1. in afwezigheid van.
    We gaan zonder Jan, ik film zonder hulpmiddelen, zonder twijfel.
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen