zonder

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·der

Voorzetsel

  • zonder
  1. in afwezigheid van.
    We gaan zonder Jan, ik film zonder hulpmiddelen, zonder twijfel.
Antoniemen
Vertalingen
Afgeleide begrippen
Persoonlijke instellingen