zeevrucht
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- zee·vrucht
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zeevrucht | zeevruchten |
| verkleinwoord | zeevruchtje | zeevruchtjes |
Zelfstandig naamwoord
- (voeding) iets eetbaars uit de zee
- Zijn restaurant heeft veel zeevruchten op het menu, niet alleen vis maar ook mosselen en oesters.