zand
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- zand
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zand | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
zand o
- een losse massa die bestaat uit miljoenen stukjes steen en schelpen
- Ze lag lekker in het zand te zonnen.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. een losse massa die bestaant uit miljoenen stukjes steen en schelpen
|
|
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| zanden |
zand
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zanden
- Ik zand.
- gebiedende wijs van zanden
- Zand!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zanden
- Zand je?
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.