woonstee

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • woon·stee
enkelvoud meervoud
naamwoord woonstee woonsteden
woonstedes
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

woonstee v/m

  1. het gebouw waarin men woont
  2. de woning op een boerderij
    De woonstee stond aan de rechterkant van het erf.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen