woekeraar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • woe·ke·raar
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

enkelvoud meervoud
naamwoord woekeraar woekeraars
verkleinwoord woekeraartje woekeraartjes

woekeraar m

  1. (juridisch) iemand die woeker drijft
    Een woekeraar is iemand die geld uitleent aan een ander en daarvoor een abnormale, onredelijk hoge rente terugvraagt.
  2. iemand die met zijn talenten woekert
    Ja, ik ben momenteel een echte woekeraar, zowel met mijn tijd als met de beschikbare ruimte in de boot.
  3. (plantkunde) een plant die woekert
    Vaak is een gekregen plant een onverbeterlijke woekeraar.
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen