wikkelen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wik·ke·len
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
wikkelen
wikkelde
gewikkeld
zwak -d volledig

Werkwoord

wikkelen

  1. (overgankelijk) draaiend iets buigzaams rond een voorwerp aanbrengen
    Voor het vervoer werd er een laag plastic rond het pakket gewikkeld erin.
Vertalingen