weer af
Uit WikiWoordenboek
weer af
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afweren
- Ik weer af.
- gebiedende wijs van afweren
- Weer af!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afweren
- Weer je af?
Navigatiemenu
Persoonlijke instellingen