waterglas

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·glas
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord waterglas waterglazen
verkleinwoord waterglaasje waterglaasjes

Zelfstandig naamwoord

waterglas o

  1. een drinkglas voor water
    Het waterglas was mooi versierd.
  2. urinaal
  3. (geen meervoud) geconcentreerde oplossing van kalium- of natriumsilicaat.
Vertalingen


Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen