wagon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·gon
enkelvoud meervoud
naamwoord wagon wagons
verkleinwoord wagonnetje wagonnetjes

Zelfstandig naamwoord

wagon m

  1. (spoorwegen) een spoorvoertuig voor het vervoer van goederen
    De goederen werden in de wagons geladen.
  2. bij uitbreiding: ieder spoorvoertuig, niet zijnde een locomotief
    Deze trein bestaat uit een locomotief met zestien wagons.
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
wagon wagons

Zelfstandig naamwoord

wagon

  1. wagon
  2. bolderkar


Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  wagon     le wagon     wagons     les wagons  

Zelfstandig naamwoord

wagon m

  1. wagon