vuren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- vu·ren
Woordherkomst en -opbouw
- Met vuur wordt het buskruit ontstoken.
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| vuren |
vuurde |
gevuurd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
vuren
- (inergatief) schoten lossen
- Zij vuurden op de aanstormende vijand.
Synoniemen
Vertalingen
1. schoten lossen
Zelfstandig naamwoord
vuren mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord vuur