vruchtbaarheid

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vrucht·baar·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vruchtbaarheid
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

vruchtbaarheid v

  1. het vermogen vrucht te dragen.
    De vruchtbaarheid van deze grond kan nog aanzielijk verbeterd.
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Meer informatie

fr:vruchtbaarheid id:vruchtbaarheid ku:vruchtbaarheid ro:vruchtbaarheid

Persoonlijke instellingen