vrijgezel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vrij·ge·zel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vrijgezel vrijgezellen
verkleinwoord vrijgezelletje vrijgezelletjes

Zelfstandig naamwoord

vrijgezel m

  1. een ongehuwde man of vrouw
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen vrijgezel
verbogen vrijgezelle

Niet in de woordenlijst van de Taalunie (als bijvoeglijk naamwoord)

Bijvoeglijk naamwoord

vrijgezel

  1. zonder levenspartner
Vertalingen


Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen