voormiddag
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- voor·mid·dag
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | voormiddag | voormiddagen |
| verkleinwoord | voormiddagje | voormiddagjes |
Zelfstandig naamwoord
voormiddag m
- (tijdrekening) tijd aan het begin van de middag of in het eerste deel van de middag
- (tijdrekening) tijd voor 12:00, de ochtend