voordelig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voor·de·lig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen voordelig voordeliger voordeligst
verbogen voordelige voordeligere voordeligste
partitief voordeligs voordeligers -

Bijvoeglijk naamwoord

voordelig

  1. een voordeel gevend, met name geldelijk
    Deze uitverkoop maakte de aankoop een stuk voordeliger.
Antoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen