voogdij

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voog·dij
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van voogd met het achtervoegsel -ij.
enkelvoud meervoud
naamwoord voogdij -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

voogdij v

  1. het plaatsvervangend uitoefenen van de ouderlijke macht
    Na het vreselijke ongeluk, waarbij hun beide ouders omgekomen waren, kreeg oom Jan de voogdij over de twee weeskinderen toegewezen.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen