voogd
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- voogd
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | voogd | voogden |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
voogd
- iemand die als vervanger het ouderlijk gezag uitoefent
Vertalingen
1. Iemand die als vervanger het ouderlijk gezag uitoefent