voer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voer
enkelvoud meervoud
naamwoord voer -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

voer o

  1. voedsel, inzonderlijk voor huisdieren en vee
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
varen

voer

  1. enkelvoud verleden tijd van varen
    Ik voer.
    Jij voer.
    Hij, zij, het voer.
vervoeging van
voeren

voer

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van voeren
    Ik voer.
  2. gebiedende wijs van voeren
    Voer!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van voeren
    Voer je?
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen