vod

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vod
enkelvoud meervoud
naamwoord vod vodden
verkleinwoord vodje vodjes

Zelfstandig naamwoord

vod o

  1. een versleten stuk weefsel
    Hij was zijn motor aan het poetsen met een vod.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen