verzwaren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·zwa·ren
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van zwaar met het voorvoegsel ver-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verzwaren
verzwaarde
verzwaard
zwak -d volledig

Werkwoord

verzwaren

  1. (overgankelijk) figuurlijk erger maken
    Dat verzwaart zijn schuld.
  2. (overgankelijk) opzettelijk beladen met extra gewicht
    De ballast van het schip werd verzwaard.
Vertalingen