verwarring

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·war·ring
Woordherkomst en -opbouw
  • Naamwoord van handeling van verwarren met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord verwarring verwarringen
verkleinwoord verwarrinkje verwarrinkjes

Zelfstandig naamwoord

verwarring v

  1. een verwarde toestand
    Ze werden allemaal in verwarring gebracht.
Verwante begrippen
Vertalingen