verstopten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·stop·ten

Werkwoord

vervoeging van
verstoppen

verstopten

  1. meervoud verleden tijd van verstoppen
    Wij verstopten.
    Jullie verstopten.
    Zij verstopten.